Wekelijks, maandelijks of nooit: hoe vaak wassen studenten hun beddengoed?
Hoe vaak wassen studenten hun beddengoed? Studentenstem vroeg het, en kreeg antwoorden van wekelijks tot ‘nog nooit gedaan’.
‘Mijn moeder doet dat.’ Het is een antwoord dat opvallend vaak terugkomt als studenten wordt gevraagd hoe vaak ze hun beddengoed wassen. Soms wekelijks, soms wanneer het uitkomt. ‘Ik denk dat mama het twee keer per week doet.’
Voor studenten die nog thuis wonen is het vaak geen eigen taak. ‘Moeders doet het.’ Of nog directer: ‘Ik zelf nul keer.’ Een ander geeft toe: ‘Nog nooit gedaan. Sorry.’
Toch zijn er ook studenten die het zelf bijhouden. ‘Ik ben iemand die het wel iedere week doet.’ Anderen hebben hun eigen systeem. ‘Ik probeer één keer in de twee weken.’ Of: ‘Dat vind ik mijn eigen regel.’
Voor wie deels thuis en deels op kamers woont, verschuift het ritme. ‘Door de weeks ben ik hier en in het weekend bij mijn ouders. Dus dan denk ik één keer in de twee weken.’ Een ander: ‘Ik ben de helft van de tijd thuis, dus dan probeer ik elke week of eens in de twee weken.’
Soms is het een samenwerking. ‘Ik moet wel zelf verschonen, maar zij doet de was.’ Of: ‘Ik vervang de lakens, maar mama doet de wasmachine.’ De reden kan simpel zijn. ‘Ik weet niet welke stand de wasmachine moet voor beddengoed.’