Wijsgerige nacht in ForumImages

 
Een rij van heb ik jou daar stond er op donderdag 18 april voor ForumImages. Mensen zonder kaartje of reservering hoopten toch nog naar binnen te kunnen. Maar helaas, de tweede Groningse Nacht van de Filosofie was compleet uitverkocht.
In vier zalen spraken ruim dertig filosofen en denkers over het thema van de Maand van de Filosofie: Schuld & Boete. Er was een filosofiequiz, zanger en dichter Meindert Talma liet zich inspireren door de Tractatus Logico-philosophicus van taalfilosoof Ludwig Wittgenstein, Socratische gesprekken, stand-up Philosophy en nog veel meer moeilijks. De blinde cabaretier Vincent Bijlo sloot de avond af met donkere humor in zijn nachtfilosofisch cabaret.
In zaal 2, de zaal van de publiekslievelingen, eindige de huisdichter van de RUG Pauline Sparreboom haar openingsgedicht met: …een schuldeloze schreeuw, wij zijn de filosofen van de 21-ste eeuw.
Of de autonome denkers zouden schreeuwen, moest nog blijken. In ieder geval had Rob Wijnberg, oud-hoofdredacteur van NRCNext er wel reden voor. Als je schreeuwen als een vorm van juichen ziet. Zijn crowdfunding-project De Correspondent had zojuist de magische grens van go overschreden. De Correspondent moet een digitale krant worden die niet alleen gericht is op uitzondering en niet alleen inzoomt op louter verval, doch een e-zine dat de begrippen objectiviteit en onafhankelijkheid opnieuw vorm gaat geven. Zijn filosofische bijdrage aan de avond kon je daardoor ook beschouwen als een verkoopverhaal voor zijn nieuwe kindje. De bright boy uit de krantenwereld wist haarfijn uit de doeken te doen dat het nieuws dat wij dagelijks consumeren, het nieuws is wat er vandaag gebeurt, niet wat er iedere dag gebeurt. Nieuws is wat er fout gaat, nieuws is achteruitgang, nieuws schetst een conservatief en selectief beeld. Nieuws is agendajournalistiek. Nieuws is een selectief plaatje met veel gaten. Wijnberg vindt dat we die gaten moeten dichten door op zoek te gaan naar andere bronnen. Om onze neiging tot veroordelen om te buigen in begrijpen.
God, wetenschap en filosofie werden opgepakt door de filosofisch atheïst Herman Philipse en de Groningse theoloog Arie Molendijk. ‘Als God mijn fiets is, weet ik dat hij bestaat’, aldus Philipse. De Utrechtse hoogleraar, die een indrukkende lijst publicaties op zijn naam heeft staan, deed onderzoek onder filosofen over het bestaan van God. Religieuze waarheidsclaims kon hij niet vinden. Theoloog en vrijzinnig-protestant Arie Molendijk heeft geen empirische argumenten nodig omtrent het raadsel God. Dat beide wetenschappers het niet eens werden, spreekt voor zich. De idee dat de mens geen moraal meer heeft als God niet bestaat, is echter niet waar, daarover waren de heren het roerend eens.
maximfebruariMaxim Februari was not amused dat hij was geprogrammeerd in de zaal van de publiekslievelingen in plaats van in die van de serieuze filosofen. Stiekem was natuurlijk iedereen in de zaal nieuwsgierig naar de transseksuele man. En ik kan beamen, Maxim is prima gelukt. Er stond een zelfverzekerde man in strak gesneden grijs maatpak met een mannelijk kapsel en dito stem. Een stropdas zou het plaatje af maken.
Maxim bracht de zaal in beroering met het gevangenisvoedselarrest van 1940 waarin koopman K de straf van koopman W tegen betaling uitzat, omdat W daar geen tijd voor had. Nadat K de straf van W had uitgezeten werd hij aangeklaagd wegens oplichting en het onrechtmatig nuttigen van gevangenisvoedsel. K werd veroordeeld, waaruit blijkt dat verwisseling van personen crimineel is. Stof tot nadenken uit de mond van een transgender filosoof.
Interessant was het gesprek tussen filosoof Coen Simon en Financieel Dagblad-journalist Willem van Reijendam. Aan de hand van Simons essay Schuldgevoel (dat hij schreef voor de Maand van de Filosofie) praatten ze over de behoefte aan dingen niet we niet nodig hebben. Het gesprek werd prachtig ingeleid door de boektrailer waarin we Don Draper uit de serie Mad Man horen: ‘Advertizing is based on one thing: happiness. Happiness is de smell of a new car, happiness is freedom from fear, happiness is a billboard on the side of the road that says, whatever you’re doing, it’s ok.’ In een later fragment filosofeerde de reclamejongen uit de jaren vijftig dat ook liefde was bedacht door de advertizing business. Enkel en alleen om nylonkousen aan de man te brengen. Is liefde de behoefte aan nylonkousen? Of zijn nylonkousen het antwoord op de vraag om liefde? Maken dingen die we niet nodig hebben ons gelukkig? Of bezorgen die ons een schuldgevoel? Allemaal vragen die de koop van Simons essay rechtvaardigen.

(Wandelend naar mijn fiets gingen schuld en boete van het hoofd naar de straat. Ik hoorde een mevrouw luid roepen: Waaaaat!!!! toen ze een bekeuring onder haar ruitenwisser viste. Een boete, eigen schuld…?)