Man van nummertje 68

De doodse stilte van de ochtend is het speeltoneel van de krantenbezorger. Vanaf vijf uur is het zaak om alle kranten binnen een tijdsbestek van twee uur in de gleuven van de brievenbussen te stoppen. Terwijl de krantenbezorger in weer en wind bezig is met deze nobele taak, liggen de mensen nog heerlijk onder een dubbele deken te genieten van de mooiste dromen in een ver onderbewustzijn. Op een verloren geraakte student na ben je als krantenbezorger helemaal alleen. Onbegrensde vrijheid, maar dan wel voor een kutloon.

Hij stond me ‘s ochtends een keer in badjas op te wachten

Mijn eerste bijbaantje was een krantenwijk. Op twaalfjarige leeftijd sprong ik mijn bed uit, sprintte op mijn stoere Gazelle van de oprit af en ging naar het depot. Daar aanbeland zocht ik de goede kranten en propte ze in de fietstassen, die zo onpraktisch als de pest waren.
Na een goede twee maanden, begon de klad erin te komen. Kranten gooide ik in de sloot, ik bezorgde dubbel of was zo lief om gratis kranten aan niet-abonnees te geven. Dat leidde soms tot hachelijke situaties. Zo herinner ik me de man van nummertje 68. De man van nummertje 68 stond mij een keer om half zes ’s ochtends in badjas op te wachten, een kopje koffie in de hand. Maar hij stond er niet om mij vriendelijk te bedanken.
Nadat hij me volledig had uitgekafferd, kon ik de rest van m’n krantenloopbaan godsonmogelijk vergeten dat er een exemplaar bij hem in de bus moest. (De volgende ochtend ging ik overigens met mijn vriendjes eieren bij hem gooien, dat dan weer wel.) Maar goed, van het gezicht van de man van nummertje 68 heb ik nog regelmatig nachtmerries.
Te laat bezorgen is ook geen pretje. Het beeld van een bejaard stel dat tijdens de herhaling van Get the Picture de liefde bedrijft staat bij dit twaalfjarige jochie voorgoed op zijn netvlies gebrand: Fifty Shades of Grey.
Kranten bezorgen is hartstikke kut en dat begrijp ik als geen ander: nog nooit heb ik zulk saai en geestvermoeiend werk moeten doen. Maar dan nog, lieve krantenbezorger van de Schildersbuurt in Groningen, wat heb ik jou misdaan? Waaraan verdien ik het dat ik in 2015 nu al drie keer tevergeefs op mijn koude poten naar de deur ben gewandeld, om daar te constateren dat jij er de brui aan hebt gegeven?
Als ik ’s ochtends wakker word, wil ik onder het genot van mijn ontbijt naar de ellende in de wereld kijken en vaststellen dat mijn leven zo slecht nog niet is. Omdat jij hebt verzaakt, heb ik nu al drie keer naar de Max-geheugentrainer moeten kijken om mijn dagelijkse portie genoegdoening te krijgen. Weet je wel hoe vermoeiend het is om naar dementerende bejaarden te kijken die de appelsap voor de kleinkinderen vergeten zijn? Nou, zó vermoeiend is dat: ik heb drie colleges gemist! Nee, ik kan maar niet aarden na deze ingrijpende verandering in mijn leven. Als het zo doorgaat loop ik een jaar studievertraging op en dat kost behoorlijk wat maandjes kranten bezorgen.
Lieve bezorger: zoek een andere baan, ga koffie serveren bij de Starbucks, criminelen liquideren in Amsterdam of besteed het werk uit aan je vriendjes en maak ze blij met wat centjes, samen lukt het jullie wel. Maar laat mij nooit, maar dan ook nooit, meer voor Jan Lul naar de voordeur lopen. Morgen spreek ik je wel weer, dan is het zaterdag en komt de krant wat later. Dan sta ik daar, in badjas en met een kop koffie in mijn hand. En waag het niet om eieren te gooien.

Liefs, de man van nummertje 83